dinsdag 30 juni 2020

Inhoudsopgave



Een weblog in 32 afleveringen over de lotgevallen van het Arnhemse gezin Boumans tijdens WO II






















Aflevering 21: Woensdag 3 januari 1945: Aangifte van geboorte              








Aflevering 29: 13 mei 1945: Het verhaal van twee broers             





dinsdag 23 juni 2020

December 1948: Eindelijk een eigen (nood)woning

V75: Vrede, Vrijheid en Varsseveld: aflevering 32/32                                                                                  Afl.1 

Modern logo, ook wel de Duim genoemd, van de machinefabriek in De Steeg

Eind 1946 werd het gevangenkamp Avegoor opgeheven. Op het laatst liepen daar 6 bewakers rond zonder gevangenen. Grad werd op wachtgeld geplaatst en ging op zoek naar een andere baan. Op 7 maart 1947 begon hij bij de machinefabriek Thomassen in De Steeg. Met een groep van 12 man werd hij omgeschoold tot machinebankwerker. De opleiding duurde drie maanden.

Op 9 september 1948 werd Ton (Antonius Maria) op de Tulpstraat 9 geboren, maar na dertien dagen traden er complicaties op. Die waren zo ernstig, dat dokter Drost het niet aandurfde om Riek thuis te houden. Zij moest met de ambulance naar het Sint Elisabeth Gasthuis. Wim en Sjaak waren boos op de stoep voor het huis gaan zitten, omdat ze niet met de hoge Rode Kruiswagen mee mochten rijden. Toen Riek twee weken in kritische toestand verbleef, werd een langdurig genezingsproces voorzien. De kinderen werden in Dreumel ondergebracht bij Opa Boumans, tante Mien en tante Art (Oma Boumans was in 1946 overleden).

Wim (l) en Sjaak (r) dolend door de buurt (Foto: Familie-archief Boumans)

Na drie maanden in het ziekenhuis te hebben gelegen kwam Riek weer naar de Tulpstraat 9 en begon ook voor haar weer een beetje normaal leven, al was ze nog heel zwak. Ook de kinderen Wim en Sjaak kwamen weer thuis. Zij speelden in de buurt en gingen af en toe naar bakker Broens, al was het maar om te gaan ruiken, wanneer de geschilde appeltjes van Riek op de bakoven gedroogd werden.

Maar de inwoning begon nu moeilijk te worden met drie volwassen en drie kinderen in de kleine woning van mevrouw Schols. Via bemiddeling van de heer Van der Geijss, een rechercheur, werd er voor gekozen om  mevrouw Schols langs gerechtelijke weg een verzoek tot huisuitzetting van het gezin Boumans te laten aanvragen.

Het gezin Boumans voor de noodwoning aan de Eikstraat 16 (Foto: Familie-archief Boumans)

Uiteindelijk waren er twee rechtszittingen nodig voordat Riek met een brief van Mr. van Brakel op een zaterdagmorgen naar wethouder van der Ham werd gestuurd. Deze moest binnen 24 uur een andere woning voor de familie Boumans vinden. En inderdaad op de maandagmorgen erna lag er een toewijzing: een noodwoning op de Geitenkamp*, Eikstraat 16. Voor het gezin betekende dit huis het einde van de oorlog en eindelijk vrijheid. Het gezin had een huis en Grad had een vaste baan. Vanaf 1949 kon het gezin echt uitkijken naar de toekomst. 

* Beschrijving Geitenkamp
Foto: Gelders Archief

De Geitenkamp is een tussen 1920 en 1930 gebouwde Arnhemse wijk die in het noordoosten van de stad gelegen is. De Geitenkamp is opgezet als tuindorp. De wijk heeft  een groot aantal eigen voorzieningen, zoals een marktplein met winkels, scholen en de vroegere St. Josefkerk, ook wel de kathedraal van Arnhem genoemd. 
Op 12 en 13 april 1945 vond bij de bevrijding van Arnhem een tweede slag plaats die zich concentreerde op de wijk Geitenkamp. Arnhem was eind 1944 op last van de Duitsers geëvacueerd en in de wijk waren dwangarbeiders gevestigd en er woonden ook NSB'ers in de vrijgekomen huizen. 
In 1946 werd aan de oostkant van de Geitenkamp begonnen met de bouw van 186 noodwoningen. Het gebied liep vanaf de Denneweg tot aan het talud van de latere A12, toen nog een grote zandbak. De muren van deze noodwoningen waren gefabriceerd van samengeperst puin van de verwoeste huizen in het centrum.

Dit was de laatste aflevering. 

maandag 15 juni 2020

Eind juni 1945: Bittere tegenvaller: inwoning


V75: Vrede, Vrijheid en Varsseveld:aflevering 31/32                                                   Afl.1 

De oorlog was voorbij. Iedereen was nog in leven. Er waren twee kinderen bij. Voor de rest bezaten ze niets en hadden geen eigen plaats om hun hoofd neer te leggen maar waren vast van plan om iets van hun leven te maken.

Grad en Riek hadden al van 1943 in Arnhem gewoond en wilden graag terug naar die stad. In korte tijd waren zij stads-mensen geworden (stadsen zoals ze dat in het Land van Maas en Waal noemen).

Pleintje in de Tulpstraat (Foto: Gelders Archief) 

Riek begon iedere week vanuit het Land van Maas en Waal naar Arnhem te liften om zo bij Gemeente een woonvergunning in de wacht te slepen. Uiteindelijk had ze iedere week wel een vaste liftplaats, maar geen vaste woon- en verblijfplaats. Na een vijftal weken was het raak: een woning op Tulpstraat 9 in de wijk Heijenoord, vlak bij de woning van Grad's broer. Van de bewoners werd beweerd dat ze dood waren. Maar toen Riek bezig was het huis  schoon te maken, kwam de oude bewoonster, mevrouw Schols terug. Zij woonde voorheen in het huis met haar broer, maar deze was gestorven. Deze mededeling was een bittere tegenvaller voor Riek, die evenals mevrouw Schols er even van bij moest komen  Maar ze werden het eens. Het zou inwoning worden. Mevrouw Schols zou de voorkamer gebruiken en de familie Boumans de achterkamer. De keuken zou gezamenlijk gebruikt worden.

In de achtertuin van de Tulpstraat met Riek, Wim (l) en Sjaak (r). (Foto 1946: familie-archief Boumans).

De Tulpstraat in de wijk Heijenoord is gesitueerd aan de noordkant van het centrum aan het rangeerterrein van de spoorwegen. Aan een zijstraat van de Tulpstraat woonden Grad's broer, Johan met Geer, hun zoon Wim en dochter Tonny. In de wijk zat bakker Berentsen en woonde een 'koude' tante Trijn.




Groep bewakers op Avegoor. Grad met rode cirkel. (Foto 1946: familie-archief Boumans) 

Gezien de kleine behuizing aan de Tulpstraat was Grad gelukkig niet vaak thuis en verbleef hij in Dinxperlo. Na drie maanden bij de Grenswacht, heeft Grad vanaf augustus 1945 twee jaar kampbewaking gedaan in Kamp Avegoor* in Ellecom. Als bewaker eerste klas werkte hij vierentwintig uur en was achtenveertig uur vrij. Stilletjes had hij gehoopt dat hij nu een woning in de buurt zou krijgen toegewezen, maar zo werkte dat niet in de stad Arnhem of het dorp Ellecom. 

* Noot
Avegoor is een landgoed ten zuiden van Ellecom. In mei 1941 vestigde de Nederlandsche SS er een opleidingskamp onder de naam SS-Schule Avegoor. Dit was een paramilitaire opleiding voor Nederlandse vrijwilligers, die in groepen meerdere weken in het onderwijsinstituut van de SS verbleven. Ze leerden omgaan met wapens en kregen levensbeschouwelijk onderwijs. Ze leerden ook hoe ze moesten omgaan met de 139 Joden die vanuit Amsterdam, Rotterdam en Den Haag naar Ellecom waren gebracht. Na de slag om Arnhem werd het complex in gebruik genomen als noodhospitaal. Na de bevrijding werd Avegoor een interneringskamp o.a. voor NSB’ers.Op het landgoed staat nog een sportzaal uit de oorlog. Nu is op het landgoed een Fletcher Hotel gevestigd.

Aflevering 32 wordt gepubliceerd op 23 juni 2020:


























Inhoudsopgave

Een weblog in 32 afleveringen over de lotgevallen van het Arnhemse gezin Boumans tijdens WO II Aflevering 1: V75: Vrede, Vrijheid en Varss...